SuperStar Ster 1

1. Bat, vloer en bal.
Serie met forehand of backhand stuiteren op vloer.
Eis: 25 keer aaneengesloten

2. Bat en bal
Serie met forehand of backhand ophouden
Eis: 15 keer aaneengesloten

3. Backhand schuiven.
Bal wordt aangespeeld in het backhandvak (door trainer of TT-robot).
Diagonaal terugspelen met backhand schuiven.
Eis: 8 keer goed van de 10 ballen.

4. Forehand aanval.
Bal wordt aangespeeld in het forehandvak. (door trainer of TT-robot).
Diagonaal terugspelen met forehand aanval.
Eis: 8 keer goed van de 10 ballen.

5. Rally forehand aanval.
Serie diagonaal.
Eis: 5 keer

6. Rally forehand.
Diagonaal, 1 minuut. (door trainer of TT-robot)
Eis: 15 goed binnen 1 minuut.

7. Serveren.
Met backhand of forehand serveren conform de regels. (minimaal 2 variaties)
Eis: 8 goed van de 10 pogingen

Theorie: Tenminste 4 vragen goed.

Observatiepunten: Tenminste 6 van de 18 punten.

Top